Regel 11 Buitenspel
Buitenspelpositie
Buitenspel zijn als zodanig is geen overtreding.
Een speler bevindt zich in buitenspelpositie indien:
- hij dichter bij de doellijn van de tegenpartij is dan de bal en de voorlaatste tegenstander.
Een speler bevindt zich niet in buitenspelpositie indien:
- hij zich op zijn eigen speelhelft bevindt, of
- hij gelijk staat met de voorlaatste tegenstander, of
- hij gelijk staat met de laatste twee tegenstanders.
Strafbaar
Een speler wordt alleen voor zijn buitenspelpositie bestraft indien hij, op het moment dat de bal wordt geraakt of gespeeld door een medespeler, naar het oordeel van de scheidsrechter, actief bij het spel is betrokken door:
- in te grijpen in het spel, of
- een tegenstander in diens spel te beïnvloeden, of
- voordeel te trekken uit zijn buitenspelpositie.
Niet strafbaar
Een speler wordt niet voor zijn buitenspelpositie bestraft indien hij de bal rechtstreeks ontvangt uit:
- een doelschop;
- een inworp;
- een hoekschop.
Overtredingen en straffen
In het geval van een strafbare buitenspelpositie kent de scheidsrechter een indirecte vrije schop toe aan de tegenpartij, te nemen vanaf de plaats waar de “overtreding” plaatsvond. (zie Regel 13 - Plaats van de Vrije Schop)
Interpretatie spelregels en richtlijnen voor scheidsrechters
Definities
In de context van Regel 11 – Buitenspel, zijn de volgende criteria van toepassing:
- “Dichter bij de doellijn van de tegenpartij” betekent dat enig deel van hoofd, lichaam of voeten dichter bij de doellijn van de tegenpartij is dan zowel de bal als de voorlaatste tegenstander. De armen zijn hierbij niet inbegrepen;
- “Ingrijpen in het spel” betekent het spelen of raken van de bal, die door een medespeler is gespeeld of geraakt;
- “Een tegenstander in diens spel beïnvloeden” betekent voorkomen, dat een tegenstander de bal kan spelen of in staat is te spelen door duidelijk het gezichtsveld of de bewegingen van de tegenstander te blokkeren of het maken van een gebaar of beweging die, naar het oordeel van de scheidsrechter, een tegenstander misleidt of afleidt;
- “Voordeel trekken uit de buitenspelpositie” betekent het spelen van de bal, die terugkomt van de doelpaal of doellat terwijl hij zich op het moment van spelen in buitenspelpositie bevindt of het spelen van de bal, die terugkomt van een tegenstander terwijl hij zich op het moment van spelen in buitenspelpositie bevindt.
Overtredingen
Wanneer zich een geval van strafbaar buitenspel voordoet, moet de scheidsrechter een indirecte vrije schop toekennen, te nemen vanaf de plaats waar de buitenspel staande speler zich bevond op het moment, dat de bal voor het laatst naar hem gespeeld werd door één van zijn medespelers.
Elke verdediger die, om welke reden dan ook, het speelveld verlaat zonder toestemming van de scheidsrechter, wordt tot de volgende onderbreking van het spel geacht zich op zijn eigen doellijn of zijlijn te bevinden. Dit met het oog op het beoordelen van buitenspel. Als de speler het speelveld met opzet verlaat moet hij de eerstvolgende keer, dat de bal uit het spel is, een waarschuwing ontvangen.
Het is op zich geen overtreding wanneer een speler, die zich in buitenspelpositie bevindt, buiten het speelveld stapt om zodoende de scheidsrechter aan te geven dat hij niet actief bij het spel betrokken is. Echter, als de scheidsrechter van oordeel is, dat de speler het veld om tactische redenen verlaat en oneerlijk voordeel behaalt door het veld opnieuw te betreden, dan moet de speler een waarschuwing ontvangen wegens onsportief gedrag. De speler had toestemming aan de scheidsrechter
moeten vragen om het speelveld opnieuw te betreden.
Als een aanvaller stil blijft staan in de netruimte, terwijl de bal in het doel gaat, dan moet een doelpunt worden toegekend. Echter, als de aanvaller een tegenstander afleidt, moet het doelpunt worden afgekeurd. De speler moet een waarschuwing ontvangen wegens onsportief gedrag. Het spel moet hervat worden met een scheidsrechtersbal vanaf de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken. Indien het spel werd onderbroken binnen het doelgebied, wordt het spel hervat met een scheidsrechtersbal op de lijn van het doelgebied die evenwijdig loopt aan de doellijn zo dicht mogelijk bij de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
Diagrammen:
(zie de spelregels voor een aantal geïllustreerde voorbeelden!)